Interested in our photos or need travel information? Just contact us!

China part 1

Land 20

24 juli 2014  tot en met 16 augustus 2014

Shanghai-Lánzhöu-Zhângyé-Dūnhuán-Ürümqi

Beschrijving

Na een onrustige nacht op een bankje op Hong Kong airport werden we op Chinese wijze wakker van tientallen drukke, etende, gillende kinderen met ‘I love China’ shirts aan die al vechtend om het stopcontact, voor hun allernieuwste smart phones, op ons gingen zitten. Na een korte vlucht en snel ritje in de Maglav trein, met 431 km per uur hoorden we het rochelen en roken we de China lucht, we zijn weer in bekend Shanghai.

In ons enthousiasme vergaten we bijna de Ayi gedag te zeggen die ons ontving in het huis van Ching en Stef en waren op slag verliefd op hun kleine Mia. We namen niet eens de moeite naar buiten te gaan en lagen de hele middag op het kleed met Mia te spelen. Na wat altijd veel te lang geleden lijkt was het weer heel fijn Ching en Stef te zien en zeker als gelukkige papa en mama. Als we daar niet al blij genoeg van werden, werden we het wel van hun gastvrijheid, wat zijn we verwend. Waar Em bij aankomst nog trots complimentjes viste bij Ching over zijn verdwenen buik, zorgde Stef dat we ons iedere avond rond aten aan zijn heerlijke kookkunsten met illegaal gesmokkelde Italiaanse lekkernijen. We aten voor het eerst in een jaar weer heerlijke oude brokkel kaas die we wegspoelde met fijne rode wijn. Gelukkig zorgde Ching voor gezonde ontbijtjes met veel fruit, echte koffie en haar eigen gemaakte, over de jaren geperfectioneerde, yoghurt. Tussen het spelen met vrolijke lieve Mia door hebben we bij gekletst, over Judy geroddeld (even checken of je mijn tekstjes wel leest Juud), aten de mannen dumplins, sjeesde we met de scooter door de stad, hadden Ching en ik een meiden avond met sushi en cocktails, hadden Stef en Em een mannen avond met t-bone en grappa, wandelden we met Mia door het steeds netter en hipper wordende Frensh concession voor een echt Italiaans ijsje, liet Ching me sporten door aan een elastiek te trekken tot ik er moe van werd en namen de mannen Mia mee tennissen. Em en ik fietste alle markten en winkels af op zoek naar erwten voor Hollandse erwtensoep om uiteindelijk Mexicaanse te koken en waren lekker druk met ons luxe probleem, het vervangen van onze bijna volle paspoorten. Ondertussen deden we snel nog wat toeristendingen die Em drie jaar geleden en ik al een paar keer had gedaan, gewoon omdat we er toch langs fietste. We maakte grappen over de commercialisering van de toeristentrekpleisters in China waar het vooral gaat over winkelen en eten in plaats van geschiedenis en informatie. We slalommen tussen de oogprikkende parapluutjes tegen de zon langs MacDonalds, HaagenDazs, DairyQueen, KFC, Starbucks enzovoorts naar een traditioneel theehuis voor een theeceremonie. We maakten weer foto’s van de Bund om de veranderingen in jaren (van 2006 tot nu) te blijven volgen en schrokken bij het zien van de aanbouw van weer een nieuw hoogste gebouw. Na twee keer in Shanghai en recent in Dubai veel betaald te hebben om in het hoogste gebouw ter wereld te kunnen, besloten we ter plekke daar mee op te houden en ons geld maar uit te geven aan het hoogste land ter wereld, voordat het ingepikt werd door China, Tibet. We bewaren de verleiding in traditionele klederdracht op de foto te gaan voor Volendam en vierden ons één jaar op reis met taartjes en fijn gezelschap van Ching, Stef en lieve Mia. We namen na een mooie week treurig afscheid en gaan Mia heel erg missen. Ching en Stef jullie natuurlijk ook, we zijn jullie (alweer) zo dankbaar voor de gastvrijheid, de gezelligheid, de tien extra kilo en onze mooie authentieke Ching mutsen!

Door alle vervelende vliegtuig verdwijningen en crashes van de afgelopen maanden hadden de bijgelovige Chineesjes alle treinkaartjes opgekocht, we vonden 42 uur staan in de gang van een trein toch geen goed idee en vlogen naar Lánzhöu. Daar vielen we zo de eerste avond met de neus in de champagne, het was Valentijn en we waren getuigen van een huwelijksaanzoek op zijn Chinees met veel giechelen, handen voor de mond, weglopen en schaamte, wij weten niet of ze ja heeft gezegd maar de champagne was lekker. Em verbaasd zich sowieso over de gewoontes van de dames, er wordt gerocheld, gespuugd, gesmakt en geboert maar als je lacht hou je uit schaamte je hand voor je mond. We bezochten eeuwenoude waterratten, waarvan we betwijfelen of ze wel oud zijn, aan de yellow rivier, de 3e langste rivier van Azië en vonden het wel grappig dat er meer foto’s van ons gemaakt werden dan wij van de ratten maakten. We maakte een foto van het varkentje, mijn sterrenbeeld, volgens Em mijn evenbeeld, bewonderden de vliegeraars die hun vliegers honderden meters in de lucht hielden, bekeken de verschillende dansen en snapte niets van de vele gokspellen die de mannen speelden. Na al het heerlijke eten in Shanghai was het dan eindelijk tijd Chinees te eten. Emory wees en ik oefende mijn roestige Chinees, we aten van de kleine stalletjes en kwamen er achter dat naast de normale Chinese dumplings en noedels de Oeigoeren, een Turks Islamitisch volk, zorgen voor nog meer variatie. Em deed zich tegoed aan vleesstokjes en ik aan stokjes met allerlei groenten en tofu in pittige saus. We genoten van de drukte op straat en schrokken van het harde vuurwerk dat veel afgestoken werd, gewoon op de drukke weg tussen de scooters, auto’s en vrachtwagens vol meloenen.

Treinkaartjes bemachtigen is een hele kunst, maar helaas noodzakelijk aangezien wij als buitenlanders niet met de nachtbus mogen, een nieuwe regel van de overheid tegen te nieuwsgierige toeristen. We waren blij met de twee hard sleeper kaartjes voor de nachttrein naar Zhângyé, ondanks dat mij bed er uit zag alsof er al meerdere diners en theekransjes in gehouden waren. In Zhângyé waren we helemaal blij toen we bewegwijzering voor mooie ticketautomaten in het Engels zagen en bijna euforisch bij het zien van de Engels functie op de apparaten. Na maar een kwartier in een rommelige rij, Chinezen zijn niet zo goed in netjes in de rij staan, toetsen we ons een weg door het treinnetwerk. Al voordringers weghoudend, af en toe een bemoeierig handje van ons scherm weg slaand, waren we helemaal trots dat we de juiste kaarten klaar hadden staan. Helaas bij het identificeren ging het mis, de apparaten zijn alleen te gebruiken met een Chinese ID kaart. Meer dan teleurgesteld vroegen we ons af of er Chinezen zijn die beter Engels dan Chinees lezen en sloten weer achteraan de altijd minimaal half uur durende loket rij aan om het met mijn beperkte woordjes Chinees te proberen. Na verbaasd aangekeken, uitgelachen en opgejaagd te zijn bleekt dat er geen sleepers meer waren. Gelukkig is tegenwoordig overal een app voor, onze nieuwe lieve Chinese vrienden stelde een alarm in en wisten met een dag toch nog twee sleepers te bemachtigen. Gezamenlijk bekeken we het leuke dorp, met mooie oude tempel, houten pagoda en indrukwekkend liggende boeddha. Alle informatie van de gidsen werd zo voor ons vertaald naar het Engels en we maakten, in opdracht van onze nieuwe vrienden en net als alle andere Chinezen, heel wat foto’s ondanks dat het niet mocht. Onze groep werd steeds groter en met zijn allen gingen we naar de wereld erfgoed Dãnxiá rocks, de regenboog bergen. We sloten aan in de rij vakantievierende Chinezen en betaalde net als zij het enorme bedrag van 280 yuen, wij vinden deze 36 euro heel veel geld zeker als we ons bedenken dat de bus 1 yuen is, een biertje 5 yuen en we slapen voor 35 yuen. Voor dat geld werden we met hordes tegelijk in bussen gepropt en langs de bergen met schitterende kleuren en mooie uitzicht punten gereden. Er zijn op zijn Chinees overal keurige paden, trappetjes, heel veel hekjes en nog meer borden met de mooiste vertalingen. We lachte om de bewakers met megafoons die iedereen die ook maar één voet buiten de gebaande paden zette toeschreeuwden, wij verstaan gelukkig geen Chinees en het leek onze Chinese vrienden ineens ook niet meer. Gezamenlijk deden we net of we gek waren en liepen van het pad af naar de filmset van de wereldberoemde (in China denk) vechtfilm ‘ A simple noodle story’. Hier stapte we, weer geheel tegen de regels, over het hekje en namen voor de foto collectie vele vecht poses aan in alle mogelijke combinaties van mensen. We maakten sowieso meer foto’s dan op een gemiddelde safari en klikte meer selfies, Aziatische vriendschap, vingertjes omhoog en groepsfoto’s dan we kunnen verwerken. Onze vrienden waren overigens niet de enige die foto’s van ons maakten en al poserend liepen we terug naar de bergen voor een schitterende zonsondergang met vele kleuren en Chinese toeristen.

We zochten lang naar het hostel in Dūnhuán, zelfs na drie keer langs het entree bord gelopen te hebben konden we het Chinees nog niet lezen. Een douche met twee koppen hadden we in Zuid Afrika al is gehad en vonden we niet vreemd, een toilethok met twee squats was wel nieuw, we hebben even getwijfeld maar als je al een jaar, 7 dagen per week, 24 uur per dag samen bent is het fijn één ding alleen te doen, we moeten iets houden om over te praten natuurlijk. Overdag was het zo heet dat er niets open was op een fijn tentje waar ze heerlijke noedel soep verkochten na. ‘s Avonds kwam het dorp tot leven en verschenen er kraampjes vol souvenirs, werd er gebarbecued en stonden overal terrassen met heerlijk ontspannen stoelen. Em vond de vleesstokjes er allemaal even lekker uit zien, ze hadden echter niet allemaal dezelfde prijs begrepen we bij het afreken bij een grote Chinese dame. We genoten met wat bekenden al kletsen van een biertje en keken naar de vele Chinese toeristen. Voor het hoogtepunt van Dūnhuán, de singing sands mountain betaalden we 240 yuen om een afgezet stuk woestijn in te mogen. Onder de indruk van de prijs waren we nog meer onder de indruk van de enorme hoeveelheid Chinese toeristen, de vele parapluutjes en vooral de oranje schoenbeschermers. Onze monden vielen open bij het zien van de honderden kamelen die allemaal hetzelfde rondje sjokte met foto klikkende, van de hitte bezwijkende toeristen op hun rug. Nu hadden wij al een aantal woestijnen gezien in Afrika, waar we overigens nooit entree voor hoefden te betalen, maar we hebben er nog nooit looppaden, hekjes en borden gezien, ook de touwladdertjes op de duinen waren nieuw voor ons, wel gemakkelijk, zo komt er niet te veel zand op de oranje schoenbeschermers. We luisterden ons rottig maar hoorden geen duin zingen, alleen de helikopters en zand buggy’s. We denken dat de oase vroeger een fata morgana was aangezien we de watertruck deze vol zagen spuiten en de tuinman achter het hekje nieuwe plantjes zagen planten. Zelfs de zandsculpturen waren nep en we begrijpen dat de Chinese toeristen meer foto’s van ons maakten dan van het zand. We trokken gekke bekken, staken onze twee vingers omhoog en lieten tientallen foto’s klikken van hoe we het zand uit onze schoenen lieten lopen, lekker op het pad, tja wij hadden geen oranje schoenbeschermers. Met onze Chinese vriendinnetjes at Emory ezel, de lokale specialiteit en is er helemaal dol op, gelukkig voor mij testen we daarna alle fruitsoorten van de markt die allemaal even lekker en zoet waren.

Bij de Mògão caves, de boeddhistische grot tempels, kregen wij buitenlanders een speciale gids waar we uiteraard voor betaalden, een bedrag waar de vorige toeristen attracties een lachertje bij leken maar het was het helemaal waard. We maakten een nieuwe vriendin Carly en alle drie genoten we van de grotten, de details, de beelden, de beschilderingen en de verhalen. De gids probeerde ons zo veel mogelijk te vertellen en wij probeerden zo veel mogelijk te verstaan van het soms lastige accent. Foto’s maken tast de oude beschilderingen in de donkere grotten aan, we zijn goed opgevoed en stopten onze toestellen dan ook keurig weg. We voelde ons wel een beetje de braafste kindjes van de klas, keurig luisterend naast de gids terwijl de Chinezen om ons heen in de kleine grotten met lenzen zo groot als zichzelf, Iphones en Ipads er vrolijk op los klikten. Als we buiten tussen letterlijk honderden foto’s klikkende chinezen vragen waarom we hier geen foto’s mogen maken en er geen reden is vinden we het welletjes, we bedankten de gids, sneakten terug naar de entree en maakten toch nog wat foto’s voor we naar het museum gingen. Daar zijn we onder de indruk van de vele geschreven werken van de boeddhisten, sommigen al vanuit het begin van de 9e eeuw en de slimme manieren waarop die werken over de hele wereld terecht gekomen zijn. We lezen door de propaganda heen de interessante geschiedenis en verhalen met mooie betekenissen en boodschappen die ons stof tot denken gaven. Met Carly ondernamen we de reis naar het station, China is groot, zo groot dat het niet gek is 180km naar het dichtstbijzijnde treinstation af te leggen. We hadden geluk, een vriendelijke man moest terug naar huis en wilde ons voor weinig wel meenemen. Ineens waren we in drie uurtjes in het dorp van het station, we liepen een rondje, hingen de hele dag aan een plastic tafel, kochten drankjes en eten, zwaaide naar de kinderen op straat, kregen meloen, kletste met mensen en lachte naar iedereen die voorbij liep totdat het hele dorp ons kende en het tijd was om in de trein te stappen.

Na een lange nacht in de trein komen we aan in Ürümqi, een grote stad met veel politie, militairen en tanks die op iedere straat hoek staan. We keken onze ogen uit op de bazaars met zijn vele mooie verschillende mensen. De meer Arabisch uitziende Oeigoeren, bakken heerlijk vers brood in ronde ovens op straat dat we wegspoelen met liters thee. Voor de verandering zijn hier de borden niet alleen in het Chinees, maar ook in het Russisch en Oeigoer, een soort Arabisch, dat we gelukkig ook niet kunnen lezen. Ons hostel was, ondanks de smerigste tot nu toe, heel gezellig, iedere avond zaten we met meer mensen aan tafel te eten en te kletsen. De Chinese Pang Pan, die zijn Engels van de Amerikaanse tv heeft geleerd aan zijn vele schelden te horen, nam ons iedere avond mee eten en bestelde de meest interessante gerechten. Hij vertelde ons schokkende verhalen, velen over het geweld van de Chinese overheid tegen de Oeigoeren. Van de Amerikaanse vrijwilligers en een geëmigreerde Zwitser die al langere tijd in de provincie wonen leren we dat de verhalen die af en toe het nieuws halen het topje van de ijsberg zijn. Door de controle op de media komt het meeste nieuws echter niet de streek uit. Zoals dat een aantal dagen voor we aankwamen er tijdens een stil protest tegen hun onderdrukking 130 Oeigoeren op een plein waren neergeschoten, volgens de overheid terroristen. Terrorisme is overigens een excuus dat de overheid wel heel vaak heel goed uitkomt. Regelmatig zijn er confrontatie tussen de Oeigoeren en de Han Chinezen, de zogenaamde echte Chinezen. Het verplaatsen van Han Chinezen naar gebieden met minderheden in een poging deze minderheden te laten verdwijnen en heel China hetzelfde te maken is in bepaalde noordelijke gebieden effectief gebleken, hier lijkt het de verdeeldheid alleen maar groter te maken. Zelfs onze vriendelijke Pang Pan die alles dat westers is geweldig vindt maakte racistische grappen waar wij stil van werden. Op onze vragen waarom en hoe werd hij stil en kon alleen maar zeggen ‘zo zijn zij nu eenmaal’ en ‘dat weet iedereen’. De enige die een beetje uit kon leggen aan Pang Pan hoe het was om geen vrijheid te hebben is de Russische sport verslaggever die voor het eerst geen terugvlucht heeft hoeven overleggen met zijn land en nu probeert zo lang mogelijk weg te blijven. Hij vertelde ook dat veel mensen in Rusland niet weten wat er aan de hand is met Oekraïne, het neergestorte vliegtuig en Europa omdat de media in Rusland ook gecontroleerd wordt net als in China. Aangezien de meeste mensen alleen naar Ürümqi komen op doorreis naar Rusland, Mongolië, Kazachstan en de rest van Centraal Azië heeft iedereen wel een mooi verhaal. Zo ook twee Engelse gasten die ons enthousiast maakten over Kazachstan en ons waarschuwden dat Borat grappen tegen officials maken, als je geen paspoort bij je hebt, je vele dollars armer, maar een ervaring met een cel rijker maakt.

Ons eerste deel van de zijderoute door China was interessant, mooi, politiek soms moeilijk en heel anders dan het China dat we afgelopen keren gezien hebben. We downloaden de film Borat, boekten een nachtbus en gingen vele nieuwe vrienden rijker de bus in naar Kazachstan, ons eerste land in Centraal Azië.

Klik om je reactie achter dat vinden wij heeeeel leuk!