Interested in our photos or need travel information? Just contact us!

Namibia

Van Cairo naar Kaapstad, in 10 maanden, met openbaar vervoer.
augustus 2013 tot en met mei 2014

In de afgelopen tien maanden zijn zo veel nieuwe indrukken vertrouwd geworden, zo veel spannende dingen leuk, zo veel vreemde gewoonten mooi, zo veel ongemakkelijke zaken gewoon en zo veel onbekende mensen vrienden.

Dag Afrika, voor nu!

From Cairo to Cape, in 10 months, by all means possible.
August 2013 to May 2014

The past ten months so many new impressions became familiar, so many scary things fun, so many strange habits beautiful, so many uncomfortable things normal and so many unknown people friends.

Bye Africa, for now!

 

 

 

Beschrijving

21 februari 2014 tot en met 11 maart 2014
Windhoek-Swakopmund-Sesriem-Sossusvlei-Walvis Bay-Lüderitz-Kolmanskop-Keetmanshoop-

Het dertiende land zit er op! Namibië heeft veel verschillende schitterende landschappen, diep rode duinen en een ruige kust met koude zee. Het is op Mongolië na het dunst bevolkte land ter wereld en dat merkte we, uren zagen we alleen zand, heel veel zand.

Na de 650 kilometer van Botswana naar Namibië in één dag gelift te hebben kwamen we net voor het donker aan in Windhoek. Van de twee lieve Duitse heren die ons een lift hadden gegeven kregen we zelfs een koud Windhoek biertje bij aankomst. De stad is overzichtelijke en schoon, erg westers met een beetje Afrika. We wisten dat Namibië gekolonialiseerd was door de Duitsers, maar het voelde wel een beetje vreemd, ‘s ochtends in de bakker bij de donkere mama onze brötchen in vloeiend Duits te bestellen en Emory iedere avond schnitzel te zien eten. Bij Joe’s beerhouse bestelde Emory eindelijk weer iets Afrikaans, een Zebra steak. Na twee dagen hadden we het stadshart echter wel gezien en besloten we met de combi naar Swakopmund te vertrekken met Kay onze Duitse vriend.

Swakopmund is nog Duitser dan Duitsland. Het lijkt een soort Center Parcs met oude kleine Duitse liefelijke huisjes en winkeltjes, het voelde nep. Vooral toen we de originele bewoners tegenkwamen, de Herero’s met bruine boter in hun haren en traditionele veren kleding vielen hier erg op. We kwamen deze mooie stam helaas weinig tegen, dit omdat ze met de komst van de Duitsers bijna geheel verdwenen zijn door de genocide. Ook hier was de Duitse keuken alom vertegenwoordigd en was ik snel over mijn gefrituurde camembert enthousiasme heen. De zee aan deze kant van Afrika is de Atlantische oceaan en is heel erg koud en wild, met als gevolg een ruige kustlijn en altijd een fris zeebriesje dat ons deed denken aan Zandvoort. Na maandenlang mooi weer hadden we het dan ook erg koud.

Na een Hollandse uitwaai strandwandeling, het bekijken van wat zeehonden, het beklimmen van een scheepswrak, veel Duits bier drinken, Engelse fish and chips eten en alle veel te dure boetiekjes te hebben bekeken was het tijd voor Emory om afscheid te nemen van zijn kleine vriendje Nelson de pup en te zwaaien naar alle bejaarde Duitsers die hier hun oude dag uitzitten.

Met een gehuurde auto zijn we met Duitse Kay en Britse Dave richting Sesriem gereden. De rit door de mooie, erg lege landschappen met vooral zand, zelfs de rivieren waren allemaal droog, was indrukwekkend en we werden, naast dat Emory ons af en toe liet vliegen door het missen van een gat in de gravel road, regelmatig wakker gehouden door gemsbokken, zebra’s, gnoes, gazellen, struisvogels en jackhalzen langs de weg. Na de lange dag rijden spraken we met zijn drieën net als de Namibiërs een mix van Duits, Afrikaans en Engels.

Na alle Duitse grappen over Namibië aan Kay gericht te hebben, was het nu zijn beurt grappen te maken over de Hollanders die zelfs in de Namib woestijn een regenbui over zich heen kregen, wij hebben maar niet verteld dat we in de Kalahari woestijn ook al regen hadden. Dave die ons in de dorm in Harare en in Swakopmund al wakker had gehouden met zijn gesnurk hadden we een slaapplaats in de geluidsdichte auto gegeven. Helaas bleek de auto een automatisch alarm te hebben en na dat een aantal keer midden in de nacht gehoord te hebben prefereerde wij, en alle andere kampeerders met ons, het snurken.

Vroeg de Sossusvlei in gereden met de vele mooie hoge rode duinen. Het beklimmen van de eerste duin was heel speciaal en best zwaar, iedere stap die je zet zak je een beetje terug in het zand. Eenmaal boven is het uitzicht, uitwaaiend in de wind, met blote voetjes in het opwarmende warme zand het zeker waard. Terug de berg af al slalommend, glijdend, rennend, schuivend ging een stuk sneller. Het laatste stuk naar de hidden vally lieten we onze 2×2 huurauto staand en stapte we over op een 4×4 om ons een weg te banen door het zachte zand. Inmiddels werd het zand steeds heter en de wandeling terug was dan ook meer een sprint.

Langs het plaatsje Solitair naar Walvis Bay gereden, de naam Solitair was erg toepasselijk voor deze benzinepomp met bakkerij en koffiemachine midden in de woestijn. Het inwonersaantal is in de afgelopen jaren wel bijna verdubbeld van 32 in 2001 naar 63 nu. In Namibië is de regel bij iedere benzinepomp die je ziet je tank vol te gooien, met die enorme afstanden kan het zo maar honderden kilometers naar de volgende zijn en dan heb je ook nog is de kans een lege pomp aan te treffen. Dit was wennen voor ons na in heel Afrika iedereen, afhankelijk van de lengte van de rit, één of maximaal vijf liter te zien tanken.

Walvis Bay is groter en voelde meer als een stad, dit komt waarschijnlijk ook door de Britse bouwstijl die ze achter hebben gelaten na de bezetting. Naast Walvis Bay is Dune 7, ook deze duin zijn we opgeklommen maar dit keer met een biertje om de zon onder te zien gaan.

De lange afstanden en de weinige mensen hielp onze openbaar vervoer missie niet. De erg zeldzame minibusjes worden met het uur dat je er in zit oncomfortabeler en de 11 uur van Windhoek naar Lüderitz was dan ook erg lang. Gelukkig is Lüderitz een schattig dorp met een heel fijn gastenhuis, waar de eigenaren zo lief waren ons voor hetzelfde geld van ons tentje in een eigen dorm te laten slapen. Thom en Anthea, eerdere vrienden uit Uganda en Tanzania, kwamen ons hier opzoeken en samen hebben we in het grote huis de heerlijke keuken en gezellige braai veelvuldig gebruikt om te koken, wijntjes te drinken, hele koeien aan biltong te eten (Zuid Afrikaans gedroogd vlees), marshmallows te roosteren en spelletjes te spelen. Daarnaast hebben we uiteraard ook alle vier de restaurants getest en alle zes de toeristen hotspots gezien die Lüderitz rijk is.

Het mooiste onderdeel was onze spontane wandeling door de townships, hier werden we vriendelijk gedag gezegd en glimlachend aangekeken. De kindjes van een kinderdagverblijf waar we naar zwaaide en de mama’s die er werkte nodigde ons uit binnen te komen. Na wat met de kindjes gespeeld en geknuffeld te hebben en heel veel foto’s gemaakt te hebben kwam de eigenaresse van het kinderdagverblijf. Zij wilde ons graag meenemen naar Area 7, een ander township waar mensen het erg slecht hadden volgens haar. Wij dachten dat de township waar we waren met de golfplaten huisjes en gedeelde toiletten arm waren, maar dit hadden we mis. De mensen uit dit deel, waarvan wij denken dat ze het zeker niet gemakkelijk hebben, vinden tijd en energie om de mensen in area 7 te helpen. Na een wandeling van meer dan een uur waar we bij iedere sheebeen (illegaal barretje) moesten stoppen om iemand gedag te zeggen en foto’s te maken kwamen we in Area 7 bij het kinderdagverblijf aan. Dit kleine golfplaten bouwwerk bevatte een vloer vol matrasjes dekentjes en kussens, geen speelgoed en weinig hygiëne. Hier is één mama verantwoordelijk voor 45 kinderen van zeven uur ‘s ochtends tot zeven uur ‘s avonds. Toen wij aankwamen waren de meeste kindjes al opgehaald (we hadden tijd verloren bij de zussen en vriendinnen van onze mama in de sheebeens) maar de lijsten met de namen van alle kindjes aan de muur zeiden genoeg. Ook met deze kindjes hebben we wat gespeeld en wat foto’s van ze gemaakt. Na een lang uitzwaaien van de kindjes gingen we met gemengde gevoelens terug naar het centrum met de Duitse mooie grote huizen en dure auto’s.

In Afrika stijl hebben we de auto van Thom en Anthea getest door met zijn vieren voorin naar Kolmanskop te rijden, een verlaten dorp waar vroeger de diamanten gemijnd werden. De schitterende grote mooie Duitse huizen zijn verlaten en op een enkele vergeten badkuip na leeg. Het woestijnzand eet de huizen langzaam op. Het is vreemd, mysterieus maar ook mooi om hier rond te lopen, het is gek om drie trappen op te lopen en achterin het huis een raam uit te stappen op het zand. Na tevergeefs diamanten gezocht te hebben, heel flauw, de beveiliging in het “sperrgebiet’ is heel streng, met lege handen naar Diaz point gereden. Dat het waait in Namibië wisten we al, maar bij het Diaz point durfde we niet de reling los te laten zo bang waren we weg te vliegen net als de flamingo’s.

Onze laatste dag in Luderitz hebben we wat collages met de foto’s van de kindjes uit de townships gemaakt en voor ze geprint. We zijn denk alle vier te lang in Afrika, we voelde ons meer thuis in de townships dan in het westerste centrum van Lüderitz. Toen we terug gingen waren de mama’s te verbaasd om goed te reageren, ze waren zo blij met de foto’s dat de kindjes ze niet mochten aanraken. Gelukkig hadden we daar over nagedachte en ze geseald zodat ze gewoon met hun vingertjes zichzelf kunnen aanwijzen.

We hebben genoten van de schitterende landschappen, de frisse lucht, de mooie ritten, de Duitse invloeden, het verschil met de Engelse nederzettingen en het weerzien met onze vrienden.

Nu was het tijd voor onze laatste openbaar vervoer sessie van Lüderitz naar Cape Town. Gelukkig was ons laatste ritje lang en konden we zeven uur genieten van onze laatste minibus, met toepasselijke lekke band, naar Keetmanshoop. Na onze laatste Afrikaans stad Keetmanshoop bekeken te hebben stapte we net voor middernacht op de grote bus naar Kaapstad, om gewekt te worden op de grens met Zuid Afrika. Na vriendelijk geglimlacht te hebben om 4 uur in de ochtend naar wat sacherijnige douane medewerkers die graag op lege pagina’s in paspoorten stempelen en het leuk vinden alle bagage van de hele bus open te maken, waren we dan in Zuid Afrika, ons laatste land. Na een paar uur genoten te hebben van het Zuid Afrikaans wijnlandschap kwamen we op 11 maart om vier uur ‘s middags aan in Cape Town.

Ons doel van Cairo naar Cape Town met openbaar vervoer is gelukt.

We zijn blij en teleurgesteld tegelijk, na 7 maanden en 11 dagen Afrika, wat zullen we het missen.

Klik hier, wij vinden reacties leuk!