Interested in our photos or need travel information? Just contact us!

Rwanda

Van Cairo naar Kaapstad, in 10 maanden, met openbaar vervoer.
augustus 2013 tot en met mei 2014

In de afgelopen tien maanden zijn zo veel nieuwe indrukken vertrouwd geworden, zo veel spannende dingen leuk, zo veel vreemde gewoonten mooi, zo veel ongemakkelijke zaken gewoon en zo veel onbekende mensen vrienden.

Dag Afrika, voor nu!

From Cairo to Cape, in 10 months, by all means possible.
August 2013 to May 2014

The past ten months so many new impressions became familiar, so many scary things fun, so many strange habits beautiful, so many uncomfortable things normal and so many unknown people friends.

Bye Africa, for now!

 

 

 

Beschrijving

26 oktober 2013 tot en met 08 november 2013
Gatuna-Kigali-Musanze-Gisenyi-Kibuye-Gitarama-Ntarama-Nyamata-Huye-Rusumu

Het zesde land zit er op! Rwanda is netjes, schoon, geordend en zowel het landschap, met zijn 1000 heuvels, als de mensen zijn ook nog is heel mooi. De mensen zijn hard bezig Rwanda op te bouwen en zijn al verder dan vele andere Afrikaanse landen. Dit ondanks de genocide van 1994, nog maar 19 jaar geleden, waarbij meer dan een derde van de bevolking is omgekomen. Deze sterke mensen hebben een optimisme en warme vriendelijkheid waar wij heel veel respect voor hebben ontwikkeld.

Bij de grens werd al duidelijk dat men hier tegen corruptie strijd. Grote borden en het scheiden van betalen, uitgifte en controle van visa was een groot verschil met andere grensposten. Dat Rwandezen netjes zijn, kwamen we ook achter, iederelaatste zaterdag van de maand is het “cleaning day” en mag er tot 12:00 niet gereden worden. Gelukkig was het al 8 uur, dus hoefde we maar 4 uur, in een vol matatu busje, net voorbij de grens te wachten. Met kloppend hart besefte we ons dan ook ineens dat we iets heel illegaals in onze backpack hadden, plastic tasjes, die zijn hier ten strengste verboden. De rit naar Kigali maakte het wachten goed, naast dat het inderdaad erg schoon was overal, was het berglandschap heel mooi. Bij aankomst in Kigali, op een voor ons vreemd, nette geordende bus en matatu stand met ticketoffices (wow!) op zoek gegaan naar een boda boda. Ook hier bleek iets vreemds aan de hand, we hadden er twee nodig. Gek genoeg mag je hier niet met z’n vieren plus bagage, kippen en kinderen op 1 scooter. Sterker nog, maximaal 1 persoon, geen grote bagage en je krijgt een helm met registratie nummer die bij de scooter hoort.  Nog vreemder werd het toen het donker werd, ze hebben overal straatverlichting!

Kigali is door de vele UN medewerkers, Rode kruis vrijwilligers,  NGO’s en Missionarissen een hele dure stad. De enige betaalbare slaapplaatsen zijn dan ook in kloosters. Wij sliepen in Procure D’ acceuil religieux tussen de St Familia en St Paul met een geweldig uitzicht over de hele stad. Het ontbijt, met de zusters en de transistor radio luisterende man in pyjamabroek, hadden we iedere ochtend op een erg Christelijke tijd van 7:00 tot 9:00, waar we ook echt om 9:00 de zaal uit gedweild werden.

Onze eerste ochtend zijn we gelijk naar het Kigali memorial center geweest, dat maakte indruk. Voor wie dacht dat de film Hotel Rwanda heftig was, het was in werkelijkheid nog erger. Het memorial center is een herdenkingsplaats voor de vele slachtoffers die nog steeds gevonden worden en bijgelegd worden in de graven van het centrum. Daarnaast is het een voorlichtingscentrum, het geeft goede uitleg over het ontstaan van de genocide en creëert besef om genocide nooit meer te laten gebeuren. Het is goed opgezet en het bouwt op tot de laatste kamer, de kinderkamer. Hier worden een aantal foto’s van kindjes laten zien met daar onder hun lievelingseten, een karaktereigenschap, hun laatste woorden en de manier waarop ze vermoord zijn. Na het lezen van deze verhalen zijn we een beetje stil naar Hotel Des Mille Collines (Hotel Rwanda) gelopen in de hoop dat het heldenverhaal van Hutu Paul, die vele levens gered heeft in het hotel, ons positiever zou maken. Daar was het heel druk, mede door een groot een congres, de vele muzungu’s en kinderen. Wat een verschil! Na een duik in het zwembad met veel lachende kinderen en een westerse lunch zagen we gelukkig vooral de snelle positieve veranderingen die het land rijk is.

We hebben een nieuwe vriend gemaakt bij ons klooster, de Duitse Wolfgang die al jaren in Rwanda woont. Wel fijn, kunnen we ook nog Duits praten naast de officiële taal Rwandees, het veel gesproken Swahili, de tweede taal van de oudere mensen Frans en Engels dat na 1994 de tweede taal is geworden. Mensen spreken hier een mix van alle talen tegen elkaar wat best grappig is. Wij passen ons aan en spreken gebrekkig Frans met wat Swahili woorden en af en toe noodzakelijk Engels.

Wolfgang heeft ons met de enige wegenkaart die Rwanda rijk is alle tips van het land gegeven. We hebben de auto van taxi vriend Clyde geleend om in twee dagen noord en west Rwanda te ontdekken. We kunnen het niet vaak genoeg zeggen maar wat een schoon, mooi land, in het echie is het nog veel mooier dan op de foto’s. En wat zijn de mensen vriendelijk! Bij iedere splitsing waar we aarzelde waren genoeg vrolijke mensen die ons maar wat graag de weg wezen.  Met ons muzungu’s praten en ons een hand geven is heel spannend. De stratenmakers werken in setjes, altijd een man en vrouw samen voor één taak, dit om de werkgelegenheid eerlijk te verdelen. De vrouwen leggen dan de baby’s op een kleedje onder een boom, in onze ogen gevaarlijk dicht bij de langsrijdende auto’s. Gelukkig rijdt er gemiddeld één auto per 2 uur langs. Anders dan bij ons glimlachen en knikken ze naar de automobilisten en helpen je zelfs langs gaten in de weg. De mensen die op het land werken stoppen bij het zicht van een auto en zwaaien. Wie zegt trouwens dat je als vrouw niet gewoon met je baby op je rug kunt schoffelen en stenen op je hoofd kunt tillen. De kindjes vragen hier muzungu’s niet een om geld maar om aqua tube, lege waterflesjes. Daar kunnen ze water mee naar school nemen of melk van de koeien mee naar huis nemen. Gelukkig had Wolfgang al een tas vol achterin onze auto gegooid en hebben we vele kleine vriendjes gemaakt. Mensen lopen hier vaak uren om ergens heen te gaan, je ziet dan ook continu vele mensen langs de weg met zware bagage op hun hoofd. We hebben een oudere docent een lift gegeven, hij sprak Frans en Engels en bleek een gratis gids boordevol uitleg weetjes en verhalen.

Langs de actieve vulkanen rijden was gaaf, ze zijn groot en de topjes blijven gehuld in wolken. Tijdens de rit door het regenwoud hebben we heel hard naar de gorilla’s gezocht, helaas bleek de 500 dollar hike toch nodig en hebben we ze niet gezien. Wel werden we af en toe opgeschrikt door de fietstaxi’s, berg op zie je ze met passagier achterop de fiets de berg op duwen. Bij dit zicht vond zelfs Emory het beter om te lopen, maar bij berg af begrepen we ineens dat dit een heel snel vervoersmiddel was, met snelheden misschien wel harder dan 60 km per uur denderen ze de berg af.

’s Nachts hebben we geslapen in Gisenyi aan de Grens met DRC (Congo), een spannende plaats aangezien de M23 rebellen daar actief zijn. Vijf minuten verder ligt het dorp Goma dat vorige maand nog overgenomen was door de rebellen en waar wat handgranaten slordig op burgers terecht gekomen waren. Ons hotel was veilig werd ons verzekerd, maar wel zo goed als leeg. Voordeel daarvan was dat we voor de prijs van de goedkoopste kamer de VIP kamer kregen met geweldig uitzicht over Lake Kivu, waar de grens met DRC ligt. Het uitzicht ‘s avonds veranderde toen ons licht in het hele hotel “stuk” ging, er vreemde lichtflitsen aan de kant van DRC verschenen en helikopters over het meer begonnen te vliegen. Later bleek dat dit waarschijnlijk gevechten waren en begrepen wij, het wel stroom geen licht verhaal, iets beter.

Rwanda heeft nog verschillende vluchtelingen kampen die ze transit camps noemen. We hebben er twee van dichtbij bekeken, er leven hier duizenden Congolezen, Ugandezen en Tanzanianen die Rwanda in willen, of zijn het Rwandezen die naar buurlanden gevlucht waren en nu weer terug willen? Dit blijft een lastig onderwerp, hoe het ook zit, sommige mensen wachten al 19 jaar om weer Rwanda in te kunnen, in heel treurige omstandigheden.

De route van Gisenyi naar Kibuye ging langs lake Kivu over een weg waarvan de locals ons verzekerde dat het best kon met onze Toyota Corolla. Over deze slingerende, hobbelige, maar schitterende 120 km hebben we 5 uur gedaan. Em had zin om te sturen, hij heeft waar voor zijn geld gekregen. Na een uitgebreide lunch aan het meer hadden we glad asfalt terug tot aan Kigali. Ons Kigali in rijden voelde als thuiskomen.

Tijdens de genocide zochten veel mensen veiligheid in kerken, dit bleek vaak alleen maar makkelijker voor de rebellen om mensen om te brengen. De mensen werden door de ‘fathers’ naar binnen gehaald om vervolgens verraden te worden aan de rebellen. Gevangen in de kerken werden duizenden mannen, vrouwen en kinderen in één aanval vermoord. Zo ook in Ntarama en Nyamata waar nu memorial centers van zijn gemaakt. In deze kerken liggen de kledingstukken van de overledenen, dit geeft een heftige indruk van de omvang van de slachtingen. Er zijn veel kogelgaten en granaatinslagen en de bloedvlekken op de wanden zijn nog zichtbaar. Achter de kerken zijn grote graven waar we in konden, hier liggen duizenden mensen, per 100 in één grafkist en de schedels en beenderen op rekken. De graven zijn ook hier nog open om mensen te kunnen bijleggen die nog steeds gevonden worden. Na de schriftelijke belofte deze verschrikking met de wereld te delen zijn we weer een vulkaan gaan eten. Men eet hier maar twee keer per dag en de lunch is de hoofd maaltijd. Met als gevolg overal grote buffetten, met vooral koolhydraten, veel pasta, rijst, yam, aardappel en gekookte banaan, met een beetje vlees en bonen. Aangezien je maar een keer op mag scheppen is het de sport zo veel mogelijk op één bord te krijgen, dit resulteert in vulkaan eten. Wij werden dan ook regelmatig uitgelachen om onze, in hun ogen, half lege bordjes.

In Huye, de studentenstad van Rwanda hebben we in een normaal hotel geslapen, iets duurder, maar de ruimte, het bad en WIFI waren welkom na onze kloosterdagen. Hier hebben we ons laatste genocide memorial bezocht. Een school bovenop een berg waar meer dan 50.000 mensen in één aanval zijn omgebracht. Naast de slachtoffers in de grote graven, zijn een paar duizend van deze mensen en kinderen gebalsemd in hun laatste houding neergelegd. Het klinkt vreemd, maar dat hebben ze heel mooi gedaan en de persoonlijke begeleiding en uitleg erbij maakt het een heel ontroerende herdenkingsplaats. De terugweg, door een aantal hele kleine dorpjes, wilde we lopen. Na het eerste stukje, uiteraard hand in hand met de kindjes, begon het heel hard te regenen. In één van de kleine dorpje hebben we een uurtje geschuild met alle andere mensen die ook onderweg waren. Veel lachen en handjes schudden verder, was het droog en zijn we toch maar op de boda boda terug naar de matatu’s gegaan. Onderweg kwamen we hele groepen gevangenen in oranje pakken tegen. Ze hebben hier een goed systeem, de gevangenen werken hier op het land of drijven vee om hun eigen eten te verkrijgen, wat over is verkopen ze om met de winst hun eigen beveiliging te betalen. Heel onsmakelijk maar ze voorzien zelfs in hun eigen energie door middel van hun ontlasting. Dit is één van de vele bijzondere manieren waarop Rwanda probeert het land ten goede op te bouwen. Rwanda heeft indruk gemaakt, het voelde voor ons anders dan alle vorige Afrikaanse landen. We zullen het land, maar vooral de mensen erg missen.

Klik hier, wij vinden reacties leuk!