Interested in our photos or need travel information? Just contact us!

Tibet

Land 23

10 oktober 2014 tot en met 17 oktober 2014

Lhasa-Gyantse-Shygatse-Rombu Monastry-Mount Everest-Shygatse-Lhasa

& Kunming (China)

Beschrijving

Een lang gekoesterde droom is werkelijkheid geworden, we zijn op het dak van de wereld geweest! Na de hoogste trein rit ter wereld over het Tibetaanse plateau waar we de 5072 meter gehaald hebben werden we de trein uit geëscorteerd en langs heel veel beveiliging geleid. We lieten onze vergunningen zien, paspoorten controleren, hotelreservering checken en wachtten op onze gids aangezien je in Tibet niet zelf mag reizen. Ons tijdelijke gebrek aan vrijheid viel in het niet bij de situatie van de Tibetanen en we hebben dan ook getwijfeld aan de gepastheid van ons bezoek totdat we een citaat van de Dalai Lama lazen.

“I believe that there are still widespread misunderstandings about Tibetan culture and misapprehensions about what is happening inside Tibet. Therefore, I welcome every opportunity for open-minded people to discover the reality of Tibet for themselves.” (…) “At a time when many people are not clear about what is actually happening in Tibet, I am very keen to encourage whoever has the interest to go there and see for themselves. Their presence will not only instil a sense of reassurance in the Tibetan people, but will also exercise a restraining influence on the Chinese authorities. What’s more, I am confident that once they return home they will be able to report openly on what they have seen and heard.”

Het Tibetaans gezegde: “hoe meer je reist hoe meer je ziet en hoort” is zo ontzettend waar en dat Tibet en diens problemen bij lange na niet zo simpel zijn als de Chinese overheid die uitlegt werd ons pijnlijk duidelijk. Wij weten niet of al onze informatie geheel correct is maar aan de hand van wat we lazen, hoorden, zagen en voelden zullen we naast de unieke schoonheid ook de andere kant laten zien.

Onze Tibetaanse gids en chauffeur heette ons welkom in Lhasa, begonnen honderd uit te vertellen over Tibet en namen hiermee gelijk onze afkeur over de, weliswaar met zijn tweeën ‘georganiseerde groepsreis’ weg. Als twee kleine kinderen zaten we achterin de jeep al wijzend onze ogen uit te kijken en kregen meer informatie dan we durfde hopen. Na weer een controle van onze papieren en een officiële registratie bij de overheid mochten we ‘vrij’ rond lopen in Lhasa, dat is, we mochten in bepaalde delen zijn. Op iedere straathoek zijn checkposten met scanners, detectiepoortjes en fouillerende beveiligers, naast de vele camera’s die echt overal hangen, staan ook nog is iedere dertig meter in de straten en op de daken partytenten vol politie agenten. Tussen de controles door wandelde we door de smalle straatjes, langs typisch Tibetaanse panden, houten huisjes en kleine winkeltjes waar ze gebedsvlaggen, yak boter, wierook, nep geld, offersjaals, jade, thangkas (schilderijen), gebedskralen en nog veel meer boeddhistische benodigdheden verkopen. We wende aan de hoogte, de wierook geuren, de hummende geluiden, de vele kleuren en maakte de eerste foto’s. We paste op geen (al te opzichtige) foto’s te maken van de beveiliging aangezien de agenten zonder pardon, alleen al bij het idee dat je foto’s maakt van hen of iets anders dat niet mag, je hele geheugenkaartje wissen. Met de klok mee liepen we tussen de ontspannen glimlachende bedevaarders rondjes Barkhorstraat en keken op naar de enorme palen vol bid vlaggen die de felblauwe lucht in gaan en op deze hoogte tot bijna in de wolken lijken te komen. Hoe hoger ze de vlaggen kunnen ophangen hoe beter, een reden waarom Tibet, het dak van de wereld zo belangrijk is voor de Tibetanen. Op het Barkhor plein stonden we stil bij de vele politieke protesten die op het plein gehouden zijn en die, ondanks de geweldloze aanpak van de Tibetanen, toch zelfs in 1998 en 2008 nog voor dodelijke slachtoffers zorgde. We bekeken een van de drie stenen waarin de voorwaarden van het China-Tibet vredes verdrag van 822 is getekend, de inscriptie op deze steen garandeert het respect van de grenzen en zegt letterlijk “Tibetans shall be happy in Tibet and Chinese shall be happy in China.” (…) “There shall be no warfare, no hostile invasions and no seizure of territory.” Verbaasd dat deze steen nog niet is omgeruild voor een Mao standbeeld bekeken we de toewijding van de vele biddende bedevaarders op het plein en kwamen er achter dat we de tempels niet in mochten zonder gids. In plaats daarvan werden we naar het museum verwezen maar aangezien deze door de Chinese overheid voor hun propaganda gebruikt wordt sloegen we die over. We besloten traditionele yak thee te drinken die we net iets te dik en zout vonden en snel omruilde voor zoete melk thee. Vanaf het balkon van het theehuis keken we door de Chinese invloeden heen en bewonderden de mooi mensen, jonge kinderen zich verplaatsend al liggend op de grond, rad draaiende dames, bidkralen afbiddende mannen, monniken, kleurrijke kleding, lange vlechten, tempels, vlaggen, kannen yak boter, nieuwsgierige blikken, rustgevende glimlachen en vooral de sfeer. Onderweg naar onze eetafspraak met de gids werden we op de markt opgehouden door de Tibetaanse mannen met grote hoeden die met ons op de foto wilden. Tijdens het eten vertelde onze gids over de Tibetaanse geschiedenis, cultuur en gewoontes maar ook over de veranderingen, zichzelf en haar kinderen, hun nu verplichte Chinese scholing, de toekomst en haar zorgen daarover. Ze zei wel zo veel van haar land te houden dat als ze weg zou kunnen dat niet zou doen, ze wil dat haar kinderen begrijpen waar ze vandaan komen en hen zo veel mogelijk mee geven van het boeddhisme, de Tibetaanse cultuur en bijzondere natuur nu er nog wat van over is.

Alle Tibetaanse gidsen en chauffeurs moeten ieder jaar een verplichte vier daagse cursus doen, de overheid veranderd graag de vele regels, zo ook deze en de cursus werd dit jaar met twee maanden vervroegd. Naast dat ze veel moeten betalen voor de, volgens de Tibetanen, vaak incorrecte informatie over de positieve invloeden van China op Tibet in het mandarijn (vreemd voor Tibetaans sprekende gidsen die westerse toeristen rondleiden in het Engels) viel de cursus nu ineens midden in het toeristen seizoen waardoor ze ook nog is vier dagen inkomsten misten. Aangezien de vervroeging twee weken daar voor pas was aangekondigd gaf dit buiten de financiële problemen ook een logistieke uitdaging die er wel voor zorgde dat wij enorme hoeveelheden informatie, verhalen en meningen kregen.

Onze tweede gids nam ons mee naar de Drepung monastery waar hij ons met namen, diepere betekenissen en jaartallen zo ontzettend veel vertelde over het boeddhisme, het hindoeïsme, karma, wedergeboorte, de verschillende orders, boeddha’s, bodhisattva’s, Lama’s, tara’s, drolma’s, beschermers en nog wat historische figuren dat we er duizelig van werden. In de rust die monasteries geven werden we toch even nieuwsgierig naar de schilderingen van sommige beschermers die zo eng zijn dat ze met doeken zijn afgedekt. We bekeken de vele rituelen en offer manieren die het boeddhisme rijk is, roken naast de wierook en verbrande offers de grote kaarsen waarin de oude mensen vanuit hun grote kannen schepjes yak boter offeren. Dat alles van de yak gebruikt wordt wisten we maar dat de boter ook als kaarsvet kan dienen was nieuw. Dat deze kaarsen zo gevaarlijk zijn dat er in alle monasteries oranje brandweer mannen rondlopen maakte ons ongerust, nog ongerust werden we bij het zien van hun handboeien en geweren. Ze blijken er niet echt voor het brandgevaar te zijn maar voor gevaarlijk pratende monniken. Niet dat er nog veel monniken zijn om in de gaten te houden, in Drepung ooit werelds grootse monastery leefde voor de liberalisatie soms wel meer dan 10.000 monniken nu verminderd de overheid overal jaarlijks het toegestane hoeveelheid monniken en wonen er in Drepung nog maar 600. Ondanks dat bijna alle monasteries geheel of grotendeels zijn vernietigd tijdens de culturele revolutie zijn ze nog steeds indrukwekkend groot en herinneren de vele lege huisjes, enorme keukens met allerlei interessante yak boter stampers en vreemd uitziende potten en pannen, grote hallen, sfeervolle tempels en vele tuinen aan betere tijden. We werden op Tibetaanse wijze gezegend door yak boter langs de muur te gieten en door een gat naar een heilig schilderij te kijken terwijl we door een monnik op ons achterhoofd geslagen werden met een heilige ijzeren staaf. Onderweg naar de Jokhang temple vertelde de gids dat Tibet in 20 jaar meer is veranderd dan in de duizenden jaren er voor, de stad is verdubbeld en in Lhasa is nog maar 4% van het oude Tibet over. De Tibetaanse vlag is net als afbeeldingen van de 14e huidige Dalai Lama verboden, maar veel huizen hebben wel de communistische rode Chinese vlag, men is verplicht deze op te hangen als ze gedwongen worden (bijna net als de Oeigoeren in Xinjiang) een huis van de overheid te kopen tegen een hoge hypotheek. Hierdoor zien velen zich genoodzaakt hun grond en dus inkomsten bron aan Han chinezen te verkopen, worden zo gedwongen hun oude levensstijl op te geven en naar de stad te verhuizen om geld te verdienen. In de Jokhang temple, de oudste tempel van Tibet, hebben alle Dali Lama’s geslapen, ook de 14e heeft hier als laatste op zijn troon gezeten voor hij naar India vluchtte waar hij nu nog in ballingschap woont. In de rust van de tempel genoten we van de magische oude smalle houten gangetjes met hardop biddende monniken in geweldige lichtval door de dikke wierook en yakboterkaarsen rook. We verwonderden ons ook hier weer over de constante stroom aan offers en geld, de briefjes liggen werkelijk overal ondanks dat de monniken druk tellen en afvoeren. Het boeddhisme is een prijzig geloof, dat hadden we al bedacht bij het zien van de vele winkeltjes vol benodigdheden en grote hoeveelheden gezegende spullen. Wij vonden het zegenen per doos lekker efficiënt en doneerden in ruil voor een gezegend armbandje. De piepjonge kindjes klauterden handig met een handje vol geld met de klok mee langs de vele beelden, maar vanwege de oudheid van de tempel en de door de jarenlange stroom van bedevaarders gladde, uitgesleten, ongelijke vloeren en steile trappen viel dit voor sommige oudjes niet mee. Wij boden dan ook regelmatig armen en handen aan ter ondersteuning en werden keer op keer beloond met de warmste glimlachen.

Het beroemde Potala paleis was zo dicht bij dat we deze tijdens onze avondwandeling vast bekeken voordat de derde gids ons de volgende dag meenam. Een ooit simpele meditatie grot is door de vijfde tot en met de elfde Dalai Lama uitgebouwd in vele verschillende stijlen tot het schitterende Potala Palace dat het nu is. Na het gedwongen vertrek van de Dalai Lama en zijn overheid is het meer een museum en pelgrims oord met de stupa van de vijfde Dalai Lama, de belangrijkste voor de Tibetanen en de starter van de bouw van het paleis. In het waterige ochtend zonnetje beklommen wij in stilte de vele trappen. Binnen mogen geen foto’s gemaakt worden wat wij niet erg vonden, zo hadden we meer tijd om te genieten van de schitterende details en te luisteren naar onze gids die de betekenissen van de schilderingen en goden als spannende verhalen vertelde. Van bovenop het paleis hadden we een mooi uitzicht tot aan de bergen en schrokken bij het zien van ook hier steeds dichter bij komende grote grijze Chinese flats. Nog erger vonden we het te horen dat het grote plein voor het paleis bezaaid met politie en militairen het Mao plein is waar volgend jaar een groot evenement ter verering van Mao wordt gehouden. Onze gids voorziet problemen aangezien dit gelijk valt met een belangrijke Tibetaanse feestdag en hij vraagt zich af hoe lang het geweldloze protest nog vol te houden is. We grapten dat China niet zo groot is en verder vast niet zo veel plaats heeft voor dit soort vieringen. Het voelt als pure pesterij, net als de communistische vlag die bovenop het paleis geplaatst is. Tussen de monniken en bedevaarders door lopen grote groepen niet denkende, foto klikkende, vlaggetje volgende Chinese toeristen maar we zagen ook de individueel reizende Chinese studenten. Wij hopen dat hun nieuwsgierigheid, beheersing van het Engels en mogelijkheid de Chinese censuur te omzeilen wellicht een generatie met nieuwe ideeën zal leveren. De gids lachte om onze hoop en snapt nog steeds niet waarom Chinese toeristen überhaupt foto’s komen maken van schoonheden die de generatie voor hen nog wilde vernietigen.

Zigzaggend door kleine straatjes en binnen tuinen gingen we midden in een woongemeenschap via wat trappen een huis in en stonden verbaasd ineens in een theehuis tussen vele noedel en thee slurpende Tibetanen. We werden nieuwsgierig ontvangen en konden op de bankjes aanschuiven. Hier begon ook onze derde gids zijn verhaal over de soms overduidelijke maar vaker slinkse wijze waarop de Tibetaanse cultuur steeds meer wordt onderdrukt. Nadat we onze yak vlees noedels en momo’s, de Tibetaanse dumplings op hadden werd er nog een kan melk thee besteld en was het onze beurt te vertellen wat wij via het eerlijke Nederlandse nieuws weten en dan vooral over de situatie in Hong Kong. We vertelden over de demonstraties en de wens van Hong Kong hun eigen bestuur te kiezen en niet uit een aantal door China voorgedragen mensen. Gelijk trok onze gids de vergelijking met de 11e Pänchen Lama (na de Dalai Lama de hoogste spirituele leider), daar zijn er namelijk twee van één door China aangewezen en één eerder door Tibet aangewezen maar die is sinds 1995 verdwenen. Dit hadden we al eerder gehoord van de andere gidsen die dit vertelde bij de verplichte afbeelding in iedere tempel van de Chinese 11e . De reden dat de huidige Dalai Lama recent heeft aangegeven niet in een onderdrukt Tibet te zullen reïncarneren is ook uit angst voor een door China aangestelde nieuwe Dalai Lama. We sloten de serieuze lunch gelukkig wel lachend af over elkaars vreemde gewoonte en vooral over een gekke Chinese gewoonte. Een van China’s top medicijnen groeit namelijk op de Tibetaanse vlaktes en wordt voor heel veel geld verkocht, dit gek uitziend beestje genaamd Cordyceps sinensis, een gras in de zomer dat een rups met schimmel wordt in de winter zou, alleen volgens de Chinezen dan, helpen tegen uiteenlopende kwalen.

In de Sera monastery wandelden we door de stoffige straatjes vol, ook hier voornamelijk lege, monniken huisjes, langs rustgevende binnentuinen en knuffelde met de puppy’s en honden die er niet allemaal goed uit zagen. De grote groepen zwerfdieren hangen vaak om de monasteries heen omdat de monniken ze te eten geven en ze zich af en toe tegoed kunnen doen aan de offers. Helaas is er geen medische zorg voor hen, niet vreemd in een land waar dat voor mensen al moeilijk is maar ons gaat het aan het hart en we vinden dat er een castratie project gestart zou moeten worden. Misschien wel in samenwerking met de monniken, die hebben tijd genoeg bedachten we na het bewonderen van de wandschildering die ook hier weer heel precies uit de losse pols worden geschilderd en de vele zand mandala’s, waar ze met vele monniken tegelijk maanden zand mooi neerleggen om het vervolgens na een paar dagen weg te vegen. Een meditatieve manier om te leren niet te hechten maar te genieten van schoonheid op het moment. Wij genoten van het hypnotiserende moment waarop de monniken met zijn allen tegelijk de leer van boeddha opzeiden in de grote hal met lange banken. Ook hier staan weer duizenden geschriften rollen, sommige eeuwen oud, de een nog groter dan de ander, allemaal in mooie dozen, voorzien van kleurrijke labels, hoog opgestapeld langs de wanden, de speciale in mooie kasten en de meest gebruikte in de buurt van de Lama stoel. Naast de veelal gedisciplineerde, vaak ingetogen tijd verdrijven van de monniken werden wij helemaal vrolijk in de debat tuin. Het boeddhisme gaat er vanuit dat niemand alles weet en daarom worden door jong en oud met veel enthousiasme en overgave felle debatten gevoerd. Discussiëren, eerlijke meningen mogen geven, elkaars opvattingen in twijfel kunnen trekken, vragen durven stellen en zo van elkaar leren en tot inzichten komen is een manier die lijnrecht tegenover de communistische leer van China staat. We begrijpen steeds beter de angst van de overheid voor scholing systemen vanuit het Boeddhisme of de Koran die zelf denkende mensen creëren en niet de robotjes die de overheid makkelijk stuurt. Wij genieten ondertussen van het harde handenklappen, strenge vingerwijzen, theatraal bidketting zwaaien en vooral vele lachen, het lijkt ons een fijne uitlaatklep.

Door de cursus hadden we een dag geen gids, dit gaf ons een extra dagje Lhasa die we na het verzetten van onze vlucht en verlengen van onze vergunningen doorbrachten met de Chinese eigenaar van het reisbureau. Tijdens een uitgebreide lunch luisterde wij met een open blik naar de Chinese kant van de Tibet situatie dat meer een opsomming van de vele investeringen was waar wij de andere kant reeds van hadden gehoord. Zoals de bouw van een ziekenhuis en scholen, de Tibetaanse ziekenhuizen en scholen waren met geweld eerder vernietigd door diezelfde Chinese overheid. De bouw van vele huizen en flats, wel nadat mensen gedwongen werden hun oude huizen op rijke grond te verlaten. De renovatie van sommige monasteries die hun schade tijdens de culturele revolutie hadden opgelopen. Het vergroten van de bereikbaarheid binnen Tibet, door de aanleg van vele wegen, waar de Tibetanen, die niet vrij mogen reizen, niets aan hebben. De bouw van vele tunnels voor die wegen op vaak onlogische plaatsen waar ze langer bezig zijn de grondstoffen en mineralen uit de berg te halen dan de weg te leggen. Maar de grootste trots is wel de enorme investering in de hoogste treinroute ter wereld. Ook wij waren onder de indruk van dit bouwwerk, hebben van de rit genoten en gingen mee in het enthousiaste verhaal dat deze trein werkgelegenheid creëert, Lhasa beter bereikbaar maakt, meer handel geeft, transportkosten met 75% verminderd en zo de Tibetaanse economie een boost geeft. Helaas ook dit bleek bij verder onderzoek niet geheel correct. Naast dat de 4,1 biljoen dollar investering veel meer is dan de afgelopen 50 jaar aan ziekenhuizen en scholen samen is geïnvesteerd is de bereikbaarheid maar een kant op aangezien Tibetanen geen paspoort krijgen, niet eens binnen Tibet mogen reizen laat staan de trein kunnen gebruiken. Het handel voordeel is dan ook vooral voor de Han, net als de overheidsbanen waarvoor Han worden voorgetrokken die bonussen tot wel 30% ontvangen om er te settelen. Van de 100.000 werkers aan de trein was meer dan 90% Han, er wordt gezegd dat er maar heel weinig Tibetanen aan gewerkt hebben en nu geen een meer. Daarnaast worden steeds meer Han immigranten door de overheid gelokt met voorkeursleningen, lagere belasting tarieven, versoepeling van het één kind beleid en andere voordelen. Iedere dag komen er gemiddeld 2500 Chinese toeristen en immigranten Lhasa binnen. Een rondje in Tibet en iedereen kan zien dat de officiële tellingen van de Chinese overheid die zegt dat er 89% Tibetanen zijn niet klopt, realistischere tellingen schatten 30 maximaal 40%. De grootste zorgen van de Tibetanen de invloed op het milieu en de culturele impact zijn dan ook heel reëel. Gelukkig merken we dat deze Chinese meneer na een aantal maanden in Tibet te wonen ook twijfels heeft bij bepaalde zaken. Hij gaf aan steeds meer Engels talige bronnen te raadplegen waar hij veel andere informatie tegen komt en concludeerde dat het Chinese nieuws dat klinkt als mooie muziek, nooit negatief, voor niemand altijd waar is ook niet voor de Han.

Met onze vierde en tevens laatste gids gingen we verder Tibet in over het Tibetaanse plateau, het hoogste ecosysteem ter wereld en een van de laatste wildernissen is naast schitterend en indrukwekkend met de meeste gletsjers buiten de polen, een grote invloed op verschillende moessons, de oorsprong van de grootste rivieren in Azië en zo verantwoordelijk voor het water van 85% van de mensen in Azië, de helft van de wereldbevolking. Geen wonder dat India fel tegen de bouw van nog meer Chinese dammen in Tibet is. We reden door het adembenemend landschap langs bergen, duizenden vlaggetjes en verschillende ‘wilde’ dieren als de Tibetaanse mastief honden, als leeuwen zo groot, de spring bokjes bijna onzichtbaar tegen de bergen, de mooie yakken met versieringen voor geluk waar men zo trots op is dat ze namen krijgen en de heilige vissen die af en toe omhoog springen. Tibetanen zullen nooit vis vangen of eten en pijnlijk zijn dan ook de vele heilige meren die door Chinezen in sportvissers plaatsen zijn omgetoverd. Gelukkig zijn er vier meren waar niet gevist mag worden zoals het Yamdrotso lake dat zelfs op onze oude Iphone 4 foto er onbewerkt uit ziet alsof hij teveel is gefotoshopt zo helder blauw. Langs het heilige water staan stapeltjes stenen om overledenen te herdenken, dit doen Tibetanen niet bij een graf of urn omdat na overleiden er een lucht begrafenis wordt gehouden waarbij de overledene in stukken geofferd wordt aan de gieren. Bij het zien van een groep cirkelende gieren bedachten we dat het best een mooi idee is zo weer te worden opgenomen in de voedselketen. Op 4400 meter tanden klapperde we in de kou, alweer super blij met onze echte Ching mutsen, bij de ongelofelijk witte sneeuw en grijze tinten van de Karo-La gletsjer. In Gyantse bekeken we het Kumbum monastery en werden we de grootste stupa van Tibet met de mooie ogen in gesleept door mijn nieuwe kleine vriendje. Kumbum betekent 100.000 beelden en we liepen rondjes omhoog om op iedere verdieping in de verschillende kapelletjes de beelden en schilderingen te bekijken. De oude straatjes waar we doorheen slenterden voelde alsof we terug in de tijd stapte, dit was het oude Tibet zoals we ons hadden voorgesteld met de typisch Tibetaanse mooie bouwstijl en helaas ook hier weer dezelfde gruwelijke typisch Tibetaanse toiletten. De onverharde straatjes met unieke huisjes waar de mooie koeien met oorbellen voor de deur liggen werden aangeveegd door de oude glimlachende vrouwtjes die met hun opwaaiende stof het geheel nog mooier maakte.

Aan mijn hoofdpijn voelde ik dat we regelmatig boven de 5000 meter reden naar Shygatse. Daar sliepen we in een luxe hotel waar de toiletten beduidend beter waren, maar niet de kou, er is geen verwarming in Tibet, de hoofdpijn en het nieuws, de sluiting van de Mount Everest vanwege ernstige sneeuwval. Gelukkig scheen ‘s ochtends het zonnetje was er geen wolkje in de fel blauwe lucht en maakte de jonge monniken in Tashipunpo monastery ons met hun ondeugende grapjes weer aan het lachen. Opgewarmd door de zon en de vele nieuwsgierige monniken en bedevaarders namen we foto’s van de toiletten en besloten het risico te nemen en richting de Mount Everest te rijden in de hoop er toch een glimp van op te vangen. De eerste aanblik vanaf de weg was al een cadeautje en we haalden met behulp van de driver onze gids over toch naar Tingri het laatste dorpje voor de afsluiting te rijden. Daar nog dichter bij stonden we onder de vier enorme bergen de Qowowuyag 8201m, Mayalu 8463m, Lhotse 8516m en Everest 8848m. Nadat we hoorden dat de weg naar Everest inderdaad dicht was voor het jaar maakten we ons voor het aller eerst schuldig aan corruptie en kochten de Chinese bewaker van de poort om. We dachten dat het slechter zou voelen maar euforisch reden we in een race tegen de klok, in het bijna donker, met denderende hoofdpijn al stuiterend over de vlaktes en door bergpassen. In het donker kwamen we koud, hongerig, moe en met een ontploffend hoofd zielsgelukkig aan in Rombu Monastery op 4980m. Na een nacht met al onze kleding aan, onder drie dekens, met de theebeker als kruik, onze adem in dikke witte wolken onder onze bevroren neusjes vandaan zien komen, waar Em iedere drie ademen stikkend wakker werd bij gebrek aan zuurstof en waar ik mijn hoofd tegen de muur bonkte tegen de hoofdpijn waren we blij dat we om 5 uur de vrieskou in mochten om de zonsopgang te bekijken. We verwonderde ons over de werkzaamheden voor de aanleg van een weg naar boven, China ontkent de aanleg hiervan aangezien internationaal is besloten met grote tegenstander India dat er geen weg naar base camp gemaakt zou worden. De zon op de Everest te zien opkomen was meer dan mooi en na wat gember thee tegen de hoogte kwalen (dat volgens ons niet werkt) stonden we na een vrij makkelijke maar koude hike door de sneeuw begeleid door een lieve hond als kleine kinderen zo blij op 5200m in het Qomolancma base camp oftewel op de Mount Everest, de hoogste berg ter wereld! Hier zocht Em een lekker prominent plekje om onze namen op te schrijven terwijl ik knuffelde met onze hond.

Terug naar Lhasa duurde ook weer veel langer dan nodig door de zogenaamde snelheid controle posten waar iedereen zijn paspoort, papieren en vergunningen worden gecontroleerd en geregistreerd. Al in Lhasa kregen we een papiertje met daarop onze start tijd die we gedurende onze hele reis minimaal iedere 80 km moesten laten afstempelen maar niet eerder dan twee soms drie uur na de vorige tijd. Aangezien niemand een snelheid van soms nog geen 30km op de nieuwe grote wegen, waar China zo trots op is, kan rijden stonden we een paar meter voor de posten vol in het zicht van de controle agenten met verschillende auto’s steeds te wachten tot de tijd op het bonnetje om was. Het gaf ons extra tijd om de Tibetanen te leren kennen en foto’s van het landschap te maken maar toch voelde het als pesterij, zeker aangezien de grote official auto’ s geen bonnetjes leken te hebben en wel 120 reden. Met nog een laatste rondje Barkhorstraat in Lhasa namen we afscheid van Tibet en met de eerste sneeuwvlokken voor de komende winter reden we langs het Potala paleis naar het vliegveld.

We kickte af door in Kunming nog een laatste grote tempel en twee pagodes te bezoeken en konden het niet helpen als reiziger toch het soms vreemde, vaak grappige, anders mooie en af en toe irritante China te waarderen. We weten dat de bevolking er weinig aan kan doen, het scholing systeem leert hen niet vragen te stellen of verder te denken. Wij stelden ook even geen vragen en genoten van de typische Chinese gewoonten van de dokterspraktijken op straat, het boodschappen doen in pyjama, winkels vol vreemde medicijnen, markten vol onzin, de overal slapende mensen, gokkende mannen, mahjong spelende oudjes, de volle wedkantoortjes, het hangen en thee drinken, het lekkere vele eten, stinky tofu, de twee vingertjes op de foto, de selfies, het enorme aanbod selfiesticks, paraplu’s tegen de zon, grote pijp rokende mannen, en nog veel meer. Iets minder genoten we van de zielige diertjes in kooitjes, de snurkende Chineesjes en smerige dorms. Kunming deed ons denken aan Shanghai jaren geleden met kleine donkere steegjes, groezelige gebouwen, kleine parkjes, vieze hoekjes, kleine eet stalletjes en de geur van afval en gestoomd eten, we hapten er de laatste dumplings weg, slurpten de laatste noedels op en vonden het een fijne afsluiter van China.

Tibet een mooi, indrukwekkend, hartverwarmend maar ook weer ingewikkeld deel van de wereld, we hebben er hoogtes gehaald van 5260 meter, een uniek landschap gezien, hoge bergen beklommen, een bijzondere cultuur gevoeld, schitterende mensen ontmoet, veel informatie gekregen, mooie verhalen gehoord en zijn er een schitterende ervaring rijker geworden. De situatie in Tibet is nog veel complexer dan wij in onze tekst kwijt konden maar hiermee en met de foto’s houden wij onze belofte aan de verschillende Tibetanen die wij ontmoet hebben binnen en buiten Tibet om hun verhaal te doen.

De Dalai Lama zegt ”I believe that our strictly non-violent approach, entailing constructive dialogue and negotiation, will ultimately attract effective support and sympathy from within the Chinese community. In the meantime, I am also convinced that as more people visit Tibet, the number of those who support the justice of a peaceful solution will grow.

Wij hopen met hem mee dat er ooit een goede vredige oplossing voor beiden partijen zal komen die niet ten koste gaat van nog meer van deze unieke cultuur en natuur.

Het vermijden van al het foute gedrag, Het ondernemen van het goede, En het ontwikkelen van je eigen geest; Dit is de leer van de Boeddha’s.

Reacties zijn meer dan welkom!